Evaluatie van de watertoets
Het instrument watertoets werd ingevoerd in 2004 maar is pas sedert eind 2006 volop operationeel. Nu de betrokken overheden hebben leren omgaan met de watertoets besloot de Vlaamse regering dit instrument door te lichten. Werkt het wel naar behoren? Zijn vergunningverleners en adviserende waterbeheerders wel voldoende vertrouwd met de problematiek? De Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid (CIW) evalueerde in de loop van 2010 de werking van de watertoets op basis van een vragenlijst gericht aan vergunningverleners en adviesverleners. Er werd gevraagd hoe zij de werking van de watertoets opvatten en welke verbeteringen er mogelijk zijn. Er werd ook gepeild naar de doorwerking van de adviezen in de afgeleverde vergunningen. De resultaten van deze eerste bevraging kan u hier nalezen. De belangrijkste conclusies waren dat de regelgeving eenvoudiger moet en dat meer moet ingezet worden op ondersteuning en opleiding van de overheden die betrokken zijn bij de watertoets.
In het weekend van 13 en 14 november 2010 werd Vlaanderen getroffen door ernstige watersnood. Naar aanleiding van de overstromingen en de debatten die daarop volgden in het Vlaams Parlement werd door de CIW een bijkomend en meer diepgaand onderzoek gedaan naar de effectiviteit van de watertoets gekoppeld aan een praktijkonderzoek in een aantal getroffen regio’s. De aanvullende resultaten werden opgenomen in een globaal evaluatierapport van de overstromingen en kan u hier raadplegen. Er bleken in de praktijk grote verschillen te bestaan in de wijze waarop overheden met de waterproblematiek omgaan en in de kwaliteit van de afgeleverde wateradviezen en de waterparagrafen. Een vereenvoudigd besluit, een uitgebreid ondersteunend instrumentarium en gerichte opleiding moeten die verschillen wegwerken. Er werd bovendien geconcludeerd dat de watertoets zijn rol in de preventie van waterschade maar optimaal kan vervullen als die kadert in een ruimer pakket van maatregelen die inspelen op een gedeelde verantwoordelijkheid zowel van overheden als van particulieren.
